Vondsten deel 23

Vondsten deel 23 betreft een 925 zilver hanger.
Zoals Vondsten deel 21 een broche was die véél moderner lijkt dat het is, zo ook deze hanger

20260121 161133

Deze hanger is uiteraard niet zo oud als de interbellum broche, maar we gaan wél terug naar de jaren 60!

Een modernistische zilveren jaren 60 hanger: constructie, context en betekenis

Deze zilveren hanger is uitgevoerd in 925 zilver en weegt 15,1 gram.
De kettinghanger bestaat uit een compacte kern waaruit 49 korte zilveren staafjes radiaal naar buiten steken.
Op het eerste gezicht oogt het stuk expressief en bijna agressief van vorm; bij nadere beschouwing blijkt het echter een zorgvuldig geconstrueerd object, waarbij techniek en idee onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Dit is geen decoratief sieraad in klassieke zin, maar een sculpturaal object op lichaamsschaal.

Constructie: handmatig opgebouwd, niet gegoten

De hanger is niet gegoten en dat is een essentieel punt.
De “stekels” bestaan uit afzonderlijke, massieve zilveren staafjes die:

  • afzonderlijk zijn afgezaagd,
  • handmatig zijn gepositioneerd,
  • en één voor één zijn gesoldeerd op een gesloten zilveren rugplaat.

Dit blijkt uit:

  • lichte variaties in lengte en diameter,
  • minimale verschillen in hoek en stand,
  • het ontbreken van gietnaden of repeterende imperfecties.

Een gegoten object zou uniformer zijn en aanzienlijk goedkoper te produceren.
De gekozen techniek wijst op atelierwerk, waarbij arbeid geen ondergeschikte rol speelde.

Ook het gewicht bevestigt dit: 15,1 gram is fors voor een hanger van dit formaat, wat erop wijst dat deze hanger massief is uitgevoerd.

De ophangconstructie: sober en functioneel

De ophanglus is eenvoudig, driehoekig en functioneel, zonder decoratie.
Dit type hangerlus komt veelvuldig voor bij Noord-Europese modernistische sieraden uit de jaren 60.
Het doel was niet verbergen of versieren, maar het object technisch correct laten functioneren.

De lus is geen later toegevoegd onderdeel, maar integraal ontworpen als onderdeel van het geheel.

20260121 161240

Vormtaal: modernistisch en niet-figuratief

De vorm kan worden gezien als:

  • een explosie,
  • een zonnestraal,
  • of een zee-egelachtige structuur.

Belangrijk is dat de vorm niet figuratief is uitgewerkt.
Er wordt niets uitgelegd en niets gesuggereerd.

De hanger bestaat bij de gratie van zijn fysieke aanwezigheid.

Dit sluit nauw aan bij het modernisme in sieraden van de jaren 60, waarin:

  • materiaal zichtbaar mocht blijven,
  • constructie niet werd verhuld,
  • en esthetiek voortkwam uit structuur in plaats van ornament.

Zilver werd daarbij bewust gekozen als autonoom materiaal, niet als goedkope vervanger van goud, maar als drager van vorm en idee.

Datering: waarom de jaren 60?

Op basis van een combinatie van techniek, vormtaal en materiaalgebruik kan deze hanger overtuigend worden gedateerd in de jaren 60.

  • De handmatige assemblage van korte, massieve zilveren staafjes is typerend voor modernistisch atelierwerk uit deze periode.
  • De compacte, radiale vorm past bij het hoogmodernisme, vóór de grovere of conceptuelere tendensen van de jaren 70.
  • Het volledige ontbreken van edelstenen en ornamentiek weerspiegelt een fase waarin het modernisme volledig was doorgedrongen tot het sieraad.
  • Het keurmerkgebruik, enkel 925’ zonder meesterteken, is zeer gangbaar bij Europees atelierwerk uit de jaren 60.

Gezamenlijk wijzen deze factoren niet op een vroege experimentele fase, en evenmin op later, conceptueel werk, maar op volwassen modernistisch sieraadontwerp uit de jaren 60.

Oorsprong en maker: atelierwerk zonder signatuur

Het ontbreken van een meesterteken betekent niet dat het om onbelangrijk werk gaat.
Binnen de modernistische sieraadpraktijk van de jaren 60 kozen veel makers er bewust voor om:

  • buiten het traditionele juwelierscircuit te werken,
  • hun werk niet te “branden” of commercialiseren,
  • sieraden te benaderen als toegepaste kunst in plaats van luxeobjecten.

De vormgeving en technische keuzes passen binnen een Noord- of Midden-Europese context zoals bijvoorbeeld Duitsland, Scandinavië of Nederland, maar zonder signatuur blijft verdere toeschrijving speculatief en die stap is hier niet nodig.

Zilverwaarde versus objectwaarde

Bij een actuele zilverprijs van ca. €2,40 per gram (925) bedraagt de smeltwaarde:

15,1 g × €2,40 = €36,24

Dat bedrag vertegenwoordigt uitsluitend de grondstofwaarde.

Daarboven liggen:

  • arbeid,
  • technische vaardigheid,
  • en cultuurhistorische context.

Dit is een object waarbij de vorm meer waard is dan het materiaal en is daarmee het tegenovergestelde van sloopzilver

Eindconclusie

Deze hanger is een overtuigend voorbeeld van hoe zilver in de jaren 60 werd ingezet als volwaardig artistiek materiaal.
Niet om luxe te suggereren, maar om vorm, structuur en idee zichtbaar te maken.

Het object laat zich niet reduceren tot zijn smeltwaarde zonder inhoudelijk verlies.
Juist dat maakt het tot een stukje cultuurzilver.

Plaats een reactie